Vleermuisonderzoek energietransitie - NEM-VTT als pilot voor vale vleermuis en tweekleurige vleermuis
In 2020 heeft het ministerie van LVVN een subsidie toegekend voor de agendabepaling van monitoring en onderzoek aan vleermuizen in het kader van de energietransitie. Als vervolg daarop is een tweede onderzoek opgestart: “Vleermuisonderzoek Energietransitie”. Dit richt zich onder andere op verbetering van monitoring van de landelijke Staat van Instandhouding, waaronder het testen en uitwerken van (nieuwe) methodes, waarmee noodzakelijke informatie kan worden verzameld en welke mogelijk kunnen worden opgenomen in het Netwerk Ecologische Monitoring (NEM).
Bij meetprogramma NEM Vleermuistransecttellingen (afgekort: NEM-VTT) worden in het landelijke gebied vaste routes met een auto afgelegd terwijl met een automatische batdetector geluidsopnames worden gemaakt van vleermuizen en de GPS-coördinaten worden geregistreerd. De gewone dwergvleermuis, ruige dwergvleermuis, laatvlieger en rosse vleermuis zijn doelsoorten van dit meetprogramma. Het meetprogramma is wat betreft timing in het seizoen en in de avond specifiek gericht op de doelsoorten, maar wat betreft de geografische ligging van de routes waarop gemeten wordt geoptimaliseerd voor de zeldzamere laatvlieger en rosse vleermuis. De ligging van de routes in het landschap is een compromis tussen waar er met een auto gereden kan worden en waar de doelsoort foeragerend kan worden waargenomen. Het meetprogramma is gericht op het verzamelen van voldoende data van de doelsoorten voor het bepalen van een trend op landelijk niveau. Niettemin worden er regelmatig ‘bijvangsten’ van andere vleermuissoorten gedaan. De tweekleurige vleermuis en vale vleermuis zijn twee vleermuissoorten die door de jaren heen bijvangst zijn geweest tijdens tellingen van het meetprogramma.
De aanname is dat mogelijk meer waarnemingen van de vale vleermuis en tweekleurige vleermuis kunnen worden verzameld, door in aanvulling op het reguliere NEM-VTT-protocol, transecttellingen in de kraamtijd (vale vleermuis, tweekleurige vleermuis) en/of later op de avond (vale vleermuis) uit te voeren. De aanname is getoetst door aanvullende transecttellingen te rijden in regio’s waar beide soorten al vaker werden opgepikt op NEM-VTT routes.
In totaal zijn op drie NEM-VTT-routes (regio Maastricht, Venlo en Winterswijk) waar in het verleden vale vleermuizen zijn waargenomen 27 tellingen afgelegd verdeeld over 2022 en 2024, in aanvulling op de in totaal 12 reguliere NEM-VTT-tellingen van die routes in 2022 en 2024. De tellingen in de kraamtijd hebben geen aanvullende waarnemingen van de vale vleermuis opgeleverd. Eén telling in de reguliere NEM-VTT-periode heeft wel een waarneming van een vale vleermuis opgeleverd. Dit was een telling die later op de avond (ruim twee uur na zonsondergang) startte, waarbij de vale vleermuis 2 uur en 12 minuten na zonsondergang werd waargenomen.
Op basis van deze pilot lijkt het later op de avond afleggen van transecten en het afleggen van transecten in de kraamperiode niet veel meer waarnemingen van de vale vleermuis op te leveren dan waarnemingen die verzameld worden binnen het NEM-VTT-protocol. Andere manieren van onderzoek naar de vale vleermuis (bijvoorbeeld het inventariseren van nieuwe kerkzolders op aanwezigheid van de vale vleermuis binnen het verspreidingsgebied, eventueel in combinatie met eDNA) leveren mogelijk meer verspreidingswaarnemingen van de vale vleermuis op, evenals specifiek aan de vale vleermuis aangepaste manieren van akoestische dataverzameling die nog niet zijn geprobeerd, zoals:
- Routes met Batlogger lopen/fietsen waarbij je - meer dan met de auto - het specifieke landschap/foerageergebied van de vale vleermuis zou kunnen bemonsteren;
- Met punttellingen werken waarbij je - meer dan met de auto - het specifieke landschap/foerageergebied van de vale vleermuis zou kunnen bemonsteren.
In totaal zijn op drie NEM-VTT-routes (regio Groningen, Leiden en Winterswijk) waar in het verleden tweekleurige vleermuizen zijn waargenomen 24 tellingen afgelegd verdeeld over 2022 en 2024, in aanvulling op de in totaal 12 reguliere NEM-VTT-tellingen van die routes in 2022 en 2024. In zowel 2022 als 2024 is geen zekere geluidsopname van de tweekleurige vleermuis gemaakt. Wel zijn 25 geluidsopnames gemaakt die mogelijk aan de tweekleurige vleermuis toegeschreven kunnen worden. Deze opnames werden gemaakt van 20 minuten tot 1 uur en 29 minuten na zonsondergang. De meeste potentiële waarnemingen van de tweekleurige vleermuis zijn opgenomen binnen de tijd van een reguliere NEM-VTT-telling. Wat verder opvalt is dat de meeste opnames van potentieel tweekleurige vleermuizen zijn gemaakt in de nazomer.
Aanvullende transecten in kerngebieden van de tweekleurige vleermuis en in waterrijke gebieden zouden op basis van deze pilot een goede basis kunnen vormen om aanvullende verspreidingsgegevens te genereren en bij te dragen aan de bepaling van een indicatieve trend voor de SvI. Zeker wanneer een combinatie kan worden gemaakt tussen monitoren van foerageergebied en het tellen van aantallen verblijfplaatsen en aantallen in die verblijfplaatsen aanwezige dieren.